In Oldekerk (gemeente Groningen) is eergisteren bij een pluimveebedrijf vogelgriep vastgesteld. Het besmette bedrijf wordt geruimd door de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) om verspreiding van het virus te voorkomen. Het gaat bij deze besmetting om een H5 variant van de vogelgriep. Het gaat vermoedelijk om de hoog pathogene variant.

 

Rond het bedrijf in Oldekerk is een 10 kilometergebied ingesteld (klik HIER voor het gebied). Op dit moment gelden voor het vervoer van paarden in het toezichtsgebied de volgende regels:
– Paarden mogen niet vervoerd worden van een inrichting (bedrijf) met commercieel gehouden gevogelte (waaronder pluimvee) naar een inrichting met commercieel gehouden gevogelte;
– Paarden mogen wel rechtstreek vervoerd worden van een inrichting met commercieel gehouden gevogelte naar een locatie anders dan een inrichting met commercieel gehouden gevogelte. Andersom mag ook, dus paarden mogen van een locatie anders dan een inrichting met commercieel gehouden gevogelte naar een inrichting met commercieel gehouden gevogelte;
– Het vervoer van paarden in alle overige gevallen in het toezichtsgebied is mogelijk indien de paarden niet in contact zijn gekomen met commercieel gehouden gevogelte en/of pluimvee, en ook geen toegang hebben tot plaatsen waar ze worden gehouden.

 

Kortom: in heel Nederland mogen paarden vervoerd worden. Alleen voor bedrijven mét pluimvee of andere gevogelte in het toezichtsgebied rond Oldekerk geldt een vervoersbeperking..

Houdt de website van de Rijksoverheid goed in de gaten om op de hoogte te blijven van de laatst ontwikkelingen.

ERMELO (SRP) – Voor De Sectorraad Paarden is  welzijn van paarden één van de belangrijke prioriteiten. Verminderde zorg voor paarden vindt zij dan ook ongewenst en moet zo veel mogelijk voorkomen worden. Zij heeft zich dan ook vanaf vandaag, door ondertekening van het Afsprakenkader  aangesloten bij het Vertrouwensloket Welzijn Landbouwhuisdieren. Hiermee wil de Sectorraad Paarden haar verantwoordelijkheid nemen indien er schrijnende gevallen van dierverwaarlozing wordt geconstateerd door erfbetreders (dierenartsen, hoefsmeden, fysiotherapeuten, voerleveranciers, etc.). Zij kunnen vanaf nu een melding doen wanneer zij dierverwaarlozing constateren op een bedrijf waar paarden beroepsmatig gehouden worden.

Het onafhankelijke Vertrouwensloket beoogt preventie en tijdige signalering van verminderde dierzorg en verwaarlozing van dieren die gehouden worden op een landbouwbedrijf.
Hoewel Nederland er qua diergezondheid en dierenwelzijn in vergelijking tot andere landen goed voor staat, heeft de landbouwsector in 2002 zelf het Vertrouwensloket opgezet. Het loket is opgezet om veehouders, maar ook bedrijfsmatige paardenhouders, in nood te helpen waardoor het aantal gevallen van verminderde dierzorg wordt beperkt en om vragen hierover te beantwoorden. Middels deze link kunt u meer informatie vinden over het Vertrouwensloket.

Het vroegtijdig signaleren van verminderde zorg is belangrijk, omdat daardoor vaak schrijnende situaties  voor mens en dier voorkomen kunnen worden. De erfbetreders spelen hierin een belangrijke rol. Zij komen veelvuldig bij bedrijven op het erf en kunnen tijdig signalen waarnemen  en actie ondernemen waardoor de desbetreffende ondernemer hulp krijgt aangeboden om de problemen (vaak van persoonlijke aard) op te lossen.

Indien er sprake is van verwaarlozing van paarden welke particulier worden gehouden kunt u terecht bij het landelijke loket van de overheid: telefoon 144, meer informatie vindt u op de speciale pagina van de Rijksoverheid.

In de laatste jaren is er veel meer aandacht gekomen voor paardenwelzijn. Eén van de punten, die in het kader van paardenwelzijn regelmatig naar voren wordt gebracht, is de invloed van extreme weersinvloeden. Hierbij vormt overmatige warmte op dit moment, mogelijk als gevolg van klimaatwijzigingen, veel vaker een probleem dan ernstige kou. Om paardenhouders en paardeneigenaren een handvat te geven hoe om te gaan met extreme weersomstandigheden heeft de Sectorraad Paarden, met de dragende organisaties, besloten een ‘Protocol extreme weersomstandigheden voor paarden’ op te stellen.

Dit protocol is opgesteld in navolging van een dergelijk protocol voor mensen dat in 2007 op verzoek van het Ministerie voor VWS (Volksgezondheid, Welzijn en Sport) is opgesteld door het RIVM (Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu) en in 2015 is herzien (RIVM Nationaal Hitteplan). In de regels omtrent veetransporten is de positie van het paard niet altijd helemaal duidelijk. Doorgaans worden de transporten van slachtpaarden wel als ‘veetransport’ gezien, maar het transport van sportpaarden niet.

Voor extreme koude is er in Nederland voor mensen geen ‘noodplan’ opgesteld. Extreme koude is in dit protocol voor paarden wel meegenomen, omdat er iedere winter vragen komen over paarden en pony’s die in de sneeuw buiten staan.

Van belang is dat men zich realiseert dat het paard van nature een wat lagere omgevingstemperatuur nodig heeft dan de mens. Het is dus van groot belang daar aan te denken bij het beoordelen van de situatie!

Het protocol extreme weersomstandigheden is hier terug te vinden.

ERMELO (SRP) – Sinds vorig jaar wordt voor export van paarden naar een aantal landen buiten de Europese Unie exportcertificaten via e-CertNL afgegeven. Het aantal landen wordt vanaf 17 januari uitgebreid.

De landen waar deze nieuwe werkwijze vanaf nu voor geldt zijn:
– Bahrein;
– Bosnië en Herzegovina;
– Cuba;
– Mexico;
– Peru;
– Verenigde Staten (Niet Re-Entry);
– Zuid-Afrika;
– Zuid-Korea;
– Israël;
– Russische Federatie (permanent);
– Verenigde Arabische Emiraten (tijdelijk en permanent).

Vanaf 17 januari 2018 komen daar de volgende landen bij:
– Australië (via een door Australië toegelaten EU-lidstaat);
– Belarus (permanent);
– Canada (permanent, tijdelijk en retour);
– Chili (tijdelijk);
– Egypte (permanent en tijdelijk);
– India;
– Kazachstan (permanent).

Voor bedrijven die exporteren naar bovenstaande landen, welke gebruik maken van e-CertNL, geldt dat ze in het bezit moeten zijn van een KvK-nummer, eHerkenning account en een NVWA klantnummer.
Ook moeten zij een exportrol aan maken in e-CertNL. Via deze link zijn handleidingen te vinden die kunnen helpen bij het aanvraagproces. Hier bevindt zich ook de handleiding voor het beheren van bedrijfsgegevens en een gebruikershandleiding voor exporteurs paarden CLH. De afgifte van schetsen vindt op de oude wijze plaats en worden dus niet afgegeven via e-CertNL.

Aangezien er geen certificaat voor bovenstaande landen meer opgestuurd zal worden naar de certificerend dierenarts, zullen ook de dierenarts- en houdersverklaringen niet meer door de afdeling CoA geprint worden. De exporteur is hier zelf verantwoordelijk voor, de exporteur dient zelf de laatste versie uit te printen.

Voor vragen over technische ondersteuning kunnen exporterende bedrijven de NVWA Helpdesk CLIENT bellen, telefoon: 088-2232100 optie 4.

Indien u een particulier bent kunt u contact op nemen met de afdeling CoA (Certificering op Afstand): nvwacoacertificeringveterinair@vwa.nl. Zij zullen u dan begeleiden in het proces.

Ermelo (SRP): De paardenhouderij is per 1 januari 2018 geconfronteerd met een verhoging van een aantal BTW-tarieven. Deze verhoging komt voort uit een wetsvoorstel betreffende de afschaffing van de BTW landbouwregeling, welke eind december door de Eerste Kamer is aangenomen.

Vanaf het moment dat duidelijk was welke gevolgen het wetsvoorstel heeft voor de paardensector, heeft de Sectorraad Paarden in opdracht van het KWPN, KFPS, Koepel Fokkerij en de FNHO er alles aan gedaan om de politiek duidelijk te maken welke gevolgen dit wetsvoorstel met zich mee brengt voor de hippische sector. Ondanks deze inzet en de vele gesprekken is het wetsvoorstel aangenomen.

Per 1 januari 2018 is de btw-regelgeving op twee belangrijke punten voor de paardensector gewijzigd:
1. De btw-landbouwregeling en veehandelsregeling zijn afgeschaft;
2. Voor inseminatiediensten, drachtigheidsonderzoeken en voor bepaalde diensten van stamboeken geldt voortaan niet meer het 6%-btw-tarief maar het 21%-btw-tarief.

De voor de sector belangrijkste concrete gevolgen zijn:
• Paardenfok- en opfokbedrijven kunnen niet meer de btw-landbouwregeling toepassen, maar moeten de “normale” btw ondernemersregeling toepassen. Zij moeten dus voortaan “gewoon” btw factureren en afdragen en kunnen de hen in rekening gebrachte btw terugvragen.
• Paardenhandelaren kunnen niet meer de btw-veehandelsregeling toepassen, maar moeten de “normale” btw ondernemersregeling toepassen. Zij moeten dus voortaan “gewoon” btw factureren en afdragen en kunnen de hen in rekening gebrachte btw terugvragen.
• De bedrijven die tot 1 januari 2018 de btw-landbouwregeling of de btw-veehandelsregeling toepasten, komen mogelijk nog wel in aanmerking voor een teruggave van btw over voorgaande jaren (de zogenoemde “herziening”);
• Hengstenhouderijen en inseminatiestations moeten voor de inseminatiediensten (waaronder ook embryospoeling en –transplantatie) het 21%-btw-tarief hanteren. Voor de levering van het sperma en een embryo geldt nog wel het 6%-btw-tarief. Ook voor drachtigheidsonderzoeken geldt het 21%-btw-tarief.
• Stamboeken moeten over de specifieke stamboekdiensten (zoals inschrijving, registratie, keuring) het 21%-btw-tarief in rekening brengen.

De betreffende bedrijven/organisaties doen er goed aan om direct in overleg met hun accountant/boekhouder/adviseur na te gaan welke aanpassingen nodig zijn in facturering, administratie en btw-aangifte, zodat naheffingen achterwege blijven.