ERMELO (SRP) – De weersverwachting voorspelt de komende dagen een temperatuur van 27 graden Celsius en meer in de Bilt en in de rest van Nederland (inclusief de kust en de Waddeneilanden). Dit betekent dat het Nationaal plan voor veetransport en het protocol extreme weersomstandigheden voor paarden deze dagen weer in werking is. Voor paardenhouders betekent dit ook dat er extra maatregelen zijn om het welzijn van paarden te waarborgen.

Om paardenhouders een handvat te geven hoe om te gaan met extreme weersomstandigheden heeft de Sectorraad Paarden, met de dragende organisaties, het ‘Protocol extreme weersomstandigheden voor paarden’ opgesteld (zie hier voor het protocol).

Hieronder een aantal overwegingen bij (extreem) warm weer:

  • Paarden moeten in de schaduw (kunnen) staan (beschuttingsmogelijkheid hebben);
  • Paarden moeten zo nodig voldoende gekoeld worden (met water, ventilatoren e.d.);
  • Er moet voldoende goede kwaliteit drinkwater ter beschikking staan/ter beschikking worden gesteld en er moet voldoende ruwvoer worden verstrekt;
  • Door organisatoren van evenementen moeten de omstandigheden ter plaatse meegenomen worden bij de beslissing een evenement wel/niet dan wel in aangepaste vorm door te laten gaan;
  • De Nederlandse Voedsel en Warenautoriteit (NVWA) heeft gesteld dat er bij een weersvoorspelling van 27℃ of hoger sprake is van ongunstige omstandigheden voor transport van dieren. Wanneer de trailer of veewagen in beweging is en voldoende ventilatieopeningen heeft is transport van paarden bij 27℃ nog wel mogelijk maar als er bijvoorbeeld kans is op file moet er niet met paarden worden gereisd, tenzij er sprake is van een volledig geconditioneerd vervoermiddel.
  • In het Nationaal plan voor veetransport bij extreme temperaturen is vastgelegd dat de norm is dat dieren niet mogen worden vervoerd bij temperaturen boven de 35℃. Deze norm geldt bij aanvang en onderweg en is dus niet afhankelijk van de temperatuur bij het KNMI in de Bilt. Het is van belang om hier extra aandacht voor te hebben bij het plannen van transport.
  • Het besluiten of extreme weersomstandigheden wel of geen probleem vormen voor paarden berust of het nu gaat om verblijf in de weide, het wel of niet transporteren of het wel of niet doorgang laten vinden van paardenevenementen boven alles op gezond verstand van de betrokkenen. Eigenaren, ruiters en menners hebben een eigen verantwoordelijkheid om wel of niet aan een evenement deel te nemen. Van belang daarbij is dat men zich realiseert dat voor een paard van nature een wat lagere omgevingstemperatuur optimaal is (+5 ℃ tot +25 ℃) dan voor de mens. Het is dus van groot belang daar aan te denken bij het beoordelen van de situatie.
  • De NVWA heeft aangekondigd op warme dagen extra op dierenwelzijn te controleren. Vervoersteams van de NVWA voeren extra vervoerscontroles uit.

    ERMELO (SRP) – Op een locatie in de omgeving Haarlem is de neurologische vorm van Rhinopneumonie vastgesteld. Het bedrijf heeft besloten dat paarden de locatie de komende weken niet mogen verlaten en dat er geen paarden van buiten worden toegelaten. Alle klanten van het bedrijf en de paardenbedrijven in de directe omgeving zijn reeds op de hoogte gebracht van de situatie.

    De Gezondheidsdienst voor Dieren (GD) heeft na onderzoek bevestigd dat het op deze locatie gaat om EHV1, de variant van rhinopneumonie die zich kan uiten in de vorm van verkoudheidsverschijnselen, abortus en/of neurologische verschijnselen. In dit geval is er sprake van een paard met neurologische verschijnselen waarbij het virus is aangetoond. Dit onderzoek heeft direct plaatsgevonden nadat de eerste ziekteverschijnselen zichtbaar waren.

    U kunt uw paarden zelf controleren op een infectie door tweemaal daags de temperatuur op te nemen. Bij koorts is het verstandig om direct uw dierenarts te raadplegen.

    Voor meer achtergrondinformatie over Rhinopneumonie verwijst de SRP naar www.sectorraadpaarden.nl

    ERMELO (SRP) – Inspecteurs van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) gaan vanaf heden, net als vorig jaar, extra inspecties uitvoeren bij maneges, pensionstallen, fokkerijen en opfok-, handel- en trainingsstallen. Tijdens de inspecties controleren inspecteurs of de bedrijven zich houden aan de regels voor dierenwelzijn.

    Huisvesting van paarden
    Paardenhouders moeten zich houden aan de Wet Dieren en het Besluit houders van dieren. Inspecteurs kijken bij de inspectie bijvoorbeeld of de paarden voldoende ruimte hebben en of er voldoende licht is in de stallen. Verder moeten de dieren een schone en droge ligplek hebben en mogen er in de stallen geen uitstekende scherpe randen zijn waar de dieren zich aan kunnen verwonden.

    Paardenhouders die de Wet dieren of het Besluit houders van dieren overtreden kunnen afhankelijk van de ernst van de overtreding een schriftelijke waarschuwing of een bestuurlijke boete krijgen. Bij ernstige overtredingen en bij overtredingen van de Regeling identificatie en registratie van dieren maakt de NVWA proces-verbaal op. Daarnaast kan de NVWA ook bestuursrechtelijk optreden tegen overtredingen. De extra inspecties bij paardenhouders hebben tot doel de naleving in de paardensector beter in kaart te brengen en waar nodig te verbeteren.

    Meer informatie
    – Welzijnseisen paarden (klik hier)
    – Gids voor Goede Praktijken van de Sectorraad paarden met adviezen over het houden van paarden (klik hier)
    – Paardenpaspoort (klik hier)