We leven in uitzonderlijke tijden. Om de verspreiding van het coronavirus in deze periode waarin er geen controle is toch nog zo gecontroleerd mogelijk te laten verlopen, heeft het kabinet maatregelen genomen. Ook scholen zijn gesloten, waardoor een situatie ontstaat dat ouders met kinderen noodgedwongen thuis moeten blijven om voor hen te zorgen en hen van thuisonderwijs te voorzien. Het kabinet heeft een uitzondering gemaakt voor ouders met zogenaamde ‘vitale beroepen’. Het gaat dan om cruciale beroepsgroepen die de samenleving draaiende houden. Deze ouders kunnen een beroep doen op noodopvang en hun kinderen wel naar school of opvang brengen.

Dierenartsen, dierverzorgers en hoefsmeden kunnen weliswaar wellicht onder de voedselketen in brede zin worden geschaard maar staan niet op de lijst van vitale beroepen en dat roept vragen op. Het is van levensbelang dat deze personen hun werk kunnen blijven doen. Het gaat immers om een groep mensen die verantwoordelijk zijn voor dieren die volledig afhankelijk zijn van hun zorg. Die hulpbehoefte zal tijdens deze crisis waarin steeds meer voorzieningen sluiten toenemen. Hulp voor gewonde en zieke dieren kan in veel gevallen niet wachten. Het is van levensbelang voor onze dieren, waaronder paarden, dat dierenartsen, dierverzorgers en hoefsmeden hun werk kunnen uitoefenen, zowel voor spoedgevallen als ook preventief.

De Sectorraad Paarden heeft het Ministerie namens de aangesloten organisaties dringend verzocht om de dierenartsen, dierverzorgers en hoefsmeden op de lijst van cruciale beroepen/vitale processen te zetten, zodat het ook voor hen onder de bekend gemaakt voorwaarden mogelijk is om een beroep te doen op noodopvang voor kinderen.

Op de website van de SRP volgen nadere berichten zodra er meer nieuws is.